Professionalisering leidt tot secularisering. Of niet…?

Laat zien dat je christen bent: word lid van de EO.’ ‘Wij geloven… in jou.’ ‘Durf te geloven… in je eigen weg.’ Drie bekende reclameleuzen die door organisaties worden gebruikt om zichzelf te profileren en aan te geven dat zij over christelijke wortels beschikken. Ik kan er niets aan doen, maar als ik ze hoor of lees, krijg ik kromme tenen. In al deze uitspraken wordt het geloof dat zich hoort te richten op onze hemelse Vader ‘afgeplat’ en gericht op zichzelf, de ander, of een of ander ethisch kernthema. In mijn ogen zijn deze organisaties daarmee (zoals de Bijbel het noemt) ‘wereldgelijkvormig’ geworden. ‘Zou het dan toch waar zijn?’, denk ik dan, ‘leidt professionalisering altijd tot secularisering?’

Professionalisering bij een oude organisatie als Tot Heil des Volks

Er is in de achterliggende jaren veel bij Tot Heil des Volks veranderd. Heel veel zelfs. De organisatiestructuur is veranderd. In plaats van een vereniging die al het werk omvat, is iedere werksoort in een afzonderlijke stichting ondergebracht. Het Centraal Bureau is omgevormd tot een facilitair bedrijf dat de werksoorten ondersteunt op het gebied van onder meer administratie, personeelszaken en fondswerving.

Per werksoort heeft er een visieontwikkeling plaatsgevonden die nu met behulp van beleidsplannen wordt uitgewerkt. Het werk zelf is methodischer van opzet en alle medewerkers voldoen aan strenge opleidingscriteria. Kortom, Tot Heil des Volks is druk bezig met een professionaliseringsproces. ‘Zou bij ons hetzelfde kunnen gebeuren?’, vraag ik mij bezorgd af. Moeten wij dan niet stoppen met professionaliseren?

Bekwaamheden

Als ik het stapeltje functie-eisen die aan onze medewerkers worden gesteld, doorneem dan zie ik dat er nogal wat van hen wordt gevraagd: zij moeten deskundig zijn, zelfstandig, flexibel, resultaatgericht en verantwoordelijk. Ik draai de velletjes om en om en vraag mij af of God in de Bijbel ook zo met zijn dienstknechten omgaat.

Onwillekeurig moet ik denken aan Mozes die door God wordt geroepen om Zijn volk uit het land Egypte te leiden (Ex. 4:10-17). God zoekt hem op als hij een 80-jarige man is en al 40 jaar een eenzaam bestaan leidt als schaapherder en draagt hem op om de leider van het volk Israël te worden. Hij heeft geen affiniteit met de doelgroep, beschikt niet over relevante werkervaring, heeft een strafblad, is niet representatief en veel te oud.

Ik zou een sollicitant met zo’n CV niet eens voor een gesprek hebben uitgenodigd. Toch werd híj door God uitgekozen om een zeer belangrijke taak uit te voeren. Het lijkt wel of bekwaamheden er voor God niet toe doen.

Middelen

Als ik kijk naar de manier waarop wij ons werk opzetten, dan wordt het heel belangrijk gevonden dat er voldoende middelen beschikbaar zijn: er moet voldoende geld zijn, voldoende faciliteiten, voldoende medewerkers en voldoende tijd. Wanneer één van deze zaken in gebreke blijft, dreigt ons werk vast te lopen. Zijn deze randvoorwaarden in de Bijbel ook zo belangrijk?

Mijn gedachten gaan uit naar Gideon die door de Engel des Heren wordt geroepen om het leger van de Midianieten te verdrijven. Dit leger bestaat maar liefst uit 135.000 manschappen. Gideon weet echter niet meer dan 32.000 man op de been te brengen. Een weldenkend mens zal het niet in zijn hoofd halen om met zo’n minderheid de aanval in te zetten. Toch vindt God dit aantal veel te hoog. ‘Er is te veel krijgsvolk bij u dan dat Ik Midjan in hun macht zou geven; anders zou Israël zich tegen Mij kunnen beroemen, zeggende: mijn eigen hand heeft mij verlost’ (Richt. 7:2) Zelfs als Gideon zijn leger terugbrengt tot 10.000 man, is God niet tevreden. Uiteindelijk blijven er slechts 300 man over. Met dit groepje bindt Gideon de strijd aan en… wint. Uit deze geschiedenis komt duidelijk naar voren dat God onze middelen ziet als een bedreiging om ons werk in eigen kracht te doen en de eer voor onszelf op te eisen. Om deze reden verkiest Hij het kleine en geringe.

Methodisch werken

Sinds enige tijd staat het methodisch werken bij ons hoog op de agenda. De hulpverlening moet methodisch worden opgezet: planmatig en modulair. Dit betekent dat de zorgverlening goed gedocumenteerd moet worden. Hulpverleners moeten daarmee te allen tijde hun handelswijze kunnen verantwoorden. Uiteindelijk hebben wij voor ogen dat alles is ingebed in een totaalsysteem van kwaliteitszorg.

Wij proberen deze nieuwe werkwijze in te voeren zonder verlies van het persoonlijke aspect van de zorg. Onze cliënten, gasten, bezoekers en bewoners zijn geen nummers of euro’s, maar mensen die gevoelig zijn voor vriendelijkheid, warmte en hartelijkheid. En dat willen wij niet uit het oog verliezen. Maar toch, zo vraag je je soms af; is deze operatie eigenlijk wel nodig?

Wanneer Jozua in de buurt van Jericho zijn tenten opslaat weet hij dat hij voor een heel moeilijke opdracht staat (Joz. 5:13-6:7). Hij moet de ommuurde stad innemen, maar hij heeft geen plan. Dan ontmoet hij de vorst van het heer des Heren, die hem een volstrekt onbegrijpelijk opdracht geeft: hij moet met het volk zes dagen lang zwijgend een rondgang om de stad heen maken. Wat een zinloze onderneming! Hij roept vervolgens iedereen bij elkaar en doen wat hen is opgedragen. Wat opvalt is dat hij aan niemand uitlegt waarom het nodig is om rondom de stad te lopen. Toch doet iedereen wat hen is opgedragen. Zes dagen lang worden zij vanaf de muren van de stad bespot en beschimpt. En wanneer zij dan op de zevende dag onder luide klanken zeven maal rondom de stad lopen, storten de muren in en is de stad van hen. God vraagt niet om een plan. Hij vraagt gehoorzaamheid, zelfs wanneer dat betekent dat wij moeten handelen zonder begrip.

Goede voorzieningen

In de afgelopen periode zijn enkele van de panden van Tot Heil des Volks ingrijpend gerenoveerd. Wij vinden het belangrijk om over goede voorzieningen te beschikken om ons werk te doen. De inrichting hoeft niet overdadig, maar mag wel representatief zijn. Wij willen het werk graag een eigentijdse uitstraling geven. Men heeft ons te lang voor een oubollige versleten. Maar als je het goed beschouwd is het eigenlijk helemaal niet nodig dat alles glad en strak is afgewerkt en qua inrichting van alle gemakken is voorzien. Nee toch?

Ik voel mij dan ook een beetje als de rijke jongeling die bij Jezus komt. Voor hem is zijn bezit een verworvenheid die hem belet om de Heer te dienen. Hoe anders is dan de opstelling van Elisa als hij door de profeet Elia geroepen wordt (I Kon. 19:19-27). Je zou hem de rijke jongeling van het Oude Testament kunnen noemen. Hij is met twaalf span runderen bezig om een stuk grond te bewerken. Dat is geen klein stukje land geweest. Elisa behoort tot een welgestelde familie en heeft aan niets gebrek. Omdat hij zo druk bezig is, heeft hij niet in de gaten dat er een man op hem komt aanlopen. Deze heeft zijn jas uitgetrokken en wanneer hij hem genaderd is, werpt hij hem de mantel toe. Verbouwereerd vangt Elisa de mantel op in zijn armen. Onmiddellijk ziet hij dat dit geen gewone mantel is, maar een profetenmantel. Hij begrijpt wat de bedoeling is: hij moet de profeet dienen. Hoewel er best gelegenheid is om afscheid van zijn familie te nemen, gunt hij zich hiervoor geen tijd. Zonder te aarzelen geeft Hij alles op wat hij heeft en volgt Elia. Zonder status en bezit dient hij de oude man. Pas later wordt het hem vergund om de mantel van Elia om de schouders te hangen en ontvangt hij een dubbel deel van zijn geest.

De meerwaarde van het Evangelie

In al deze dingen lijkt de Bijbel haaks te staan op onze werkwijze van professionalisering. Terwijl ik dit overdenk realiseer ik mij dat Gods Woord ons iets anders aanreikt dat ver boven onze bekwaamheden, middelen, methodiek en voorzieningen uitstijgt, namelijk: Zijn onmetelijke kracht.

Wanneer Petrus en Johannes de tempel naderen, wordt hun aandacht getrokken door een verlamde man. Op dat moment kijkt Petrus hem aan en zegt: ‘Zilver en goud heb ik niet, maar wat ik heb geef ik u; in de naam van Jezus Christus, de Nazoreeër: Wandel!’(Hand. 3:6) Hij pakt de man beet en trekt hem overeind. Op hetzelfde moment worden zijn benen sterk. Hij is genezen! Wat hier gebeurt is dat Petrus zo door de Geest van God wordt geleid dat Zijn kracht zich kan openbaren. Wow, wat geweldig! Maar wat zou ik doen als Hij mij zo zou leiden? Tot mijn schande moet ik bekennen dat het heel goed mogelijk is dat ik niets zou hebben gedaan, uit angst dat er niets met de man zou gebeuren. Toch is het een feit dat hij Zijn kracht openbaart wanneer wij daarin gehoorzaam zijn. En deze kracht kan door geen enkele vorm van professionaliteit worden geëvenaard.

Einde van de professionalisering?

Op het eerste gezicht lijkt het er op dat de Bijbel veel argumenten geeft om met de professionalisering te stoppen. Toch denk ik niet dat dit de strekking van al deze leerzame geschiedenissen kan zijn. En wel om de volgende redenen.

Als God Abraham op de proef stelt door hem te vragen om met zijn zoon op reis te gaan en hem op een berg tot een brandoffer te offeren (Gen. 22:1-3) kunnen wij lezen dat hij de Here gehoorzaam is. Hij zadelt zijn ezel, verzamelt hout voor het offer, neemt twee van zijn knechten met zich mee, en gaat met zijn zoon op weg. Bij de berg aangekomen, zien we dat hij zich daadwerkelijk opmaakt om zijn zoon ten offer te brengen. Pas wanneer hij zijn mes opheft om zijn zoon te doden, grijpt God in.

Niemand zal op basis van dit verhaal de conclusie trekken dat dit hetgeen is wat God van óns verwacht. Het gaat hier om een specifieke opdracht in een specifieke situatie aan een specifieke persoon. God wilde Abraham op de proef stellen. Hij is er niet op uit dat vaders hun kinderen ombrengen. Hij wil dat zij hen opvoeden in de vreze des Heren (Ef. 6:4).

Maar Hij vraagt wel van ons dat wij er dezelfde prioriteitsstelling op nahouden als Abraham. Gods omgang met Abraham is een voorbeeld voor ons die verwijst naar het onderliggende principe van gehoorzaamheid.

Professionalisering in de Bijbel

De bijbel kent het begrip ‘professionalisering’ uiteraard niet. Maar datgene waarvoor professionalisering staat vinden we wel op vele plaatsen in de Bijbel terug.

Zo is Gods schepping een briljant ontwerp, dat orde en regelmaat kent, met mogelijkheden voor groei en herstel.

De heilsgeschiedenis laat een duidelijke strategie zien, waarin doelmatig en methodisch Gods verlossingsplan ten uitvoer wordt gebracht.

Ook de wetgeving en wijze waarop de eredienst worden ingericht getuigt van visie. De tabernakel en tempel bevatten veel facetten die een symbolische betekenis in zich bergen. Hierover is duidelijk nagedacht.

De eisen die God stelt aan het offer dat Hem wordt gebracht, de priester die de dienst aan Hem vervult, en de leider van de nieuwtestamentische gemeente laten zien dat voor God alleen het beste goed genoeg is. Zouden wij Hem dan ook niet het beste willen geven?

Conclusie

Ik weet dat de geschiedenis laat zien dat professionalisering leidt tot secularisering. En toch ben ik er van overtuigd dat ze bij elkaar horen. Zij vormen twee kanten van één en dezelfde medaille. En die medaille staat voor de ere aan onze Here. Laten Hem het beste van onszelf geven, in het besef dat wij het van Hem hebben gekregen en dat wij het in afhankelijkheid van Hem mogen gebruiken.

Archippus - Banner 2010

Aantal keren bekeken: 4982

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *