Het mysterie van de maan

mysterie van de maan

Vroege fascinatie

Sinds mensenheugenis staat de maan in de belangstelling vanwege haar grote kracht en schoonheid. Al heel vroeg was men zich ervan bewust dat men met behulp van de maan de tijd kan indelen.[1] Ook wist men dat er een verband moest zijn tussen de fasen en cyclus van de maan en de menselijke vruchtbaarheid.[2] In beschavingen over de hele wereld ging men ervan uit dat de maan van invloed kon zijn op de geestelijke gesteldheid van de mens.[3] Het zal dan ook niemand verbazen dat men haar met een godin associeerde en vereerde.[4] Vandaag de dag nemen velen aan dat een aantal mysterieuze bouwwerken uit de oudheid, waarvan nog vele restanten aanwezig zijn, hiertoe zijn opgericht.[5]

Megalithische yard

Alexander Thom heeft een groot aantal van deze restanten onderzocht. Tot zijn grote verbijstering kwam hij tot de conclusie dat deze zogenaamd primitieve mensen een lengtemaat moeten hebben gebruikt die internationale bekendheid genoot. Hij noemde deze maat de megalitische yard (ca. 82,97 cm).[6] Omdat hij echter niet kon uitleggen hoe dit mogelijk was, werd zijn vondst door archeologen als ongeloofwaardig van de hand gewezen. Zij achtten de mens in dit stadium van zijn evolutie niet tot een dergelijke prestatie in staat. In ‘Het mysterie van de maan’ wordt dit vraagstuk door Knight en Butler opgepakt en verder uitgewerkt. Zij komen uiteindelijk tot de conclusie dat de megalitische yard een geodetische eenheid was, gerelateerd aan de polaire omtrek van de aarde.

Zij ontdekten dat de megalithische bouwers een cirkel in 366 graden verdeelden in plaats van 360, zoals wij gewend zijn. Dit is gelijk aan het aantal rotaties van de aarde in zijn jaarlijkse omloopbaan om de zon. Kennelijk nam men aan dat als de cirkel van de hemel uit 366 delen bestond, dit voor iedere cirkel moest gelden. De beste polaire cirkel is de lijn met de minste uitstulpingen, dus met de meeste zee. Gek genoeg loopt deze lijn precies over Stonehenge. De denkbeeldige omtrek van de aarde vanaf dat punt loopt voor 98% over zee — meer dan ieder ander punt van de aarde. Tegenwoordig weten wij dat de omtrek van de aarde ca. 40.000 km is, hetgeen neerkomt op 48.211.838 megalitische yards. Dit is op zich een nietszeggend getal, maar als we de omtrek onderverdelen in graden, minuten en seconden, komen we uiteindelijk tot de slotsom dat 1 boogseconde exact overeenkomt met 366 megalitische yards. En dat is op zijn minst een opmerkelijke uitkomst te noemen.

Verrassende overeenkomsten

Knight en Butler tonen aan dat de megalitische yard eenvoudig kan worden gereconstrueerd met behulp van een slinger en de beweging die de planeet Venus door de avondhemel maakt. Iedere bouwvakker met een paslood kon deze berekening maken. Van daaruit was het niet moeilijk om deze lengtemaat met behulp van kubussen om te zetten in een volume-eenheid en een inhoudsmaat. Echter, de schok was groot toen bleek dat de uitkomsten nagenoeg overeenkwamen met moderne maten als de pint, de gallon, de bushel, de pond en de liter.[7] Vergelijkend onderzoek met de maatsystemen in de Minoïsche en Soemerische cultuur brachten dezelfde overeenkomsten aan het licht. Knight en Butler stuitten in hun speurtocht zelfs op een brief van de latere Amerikaanse president Thomas Jefferson waarin hij de Senaat voorstelde om een nieuw systeem van maten en gewichten in te voeren met de hemel als basis en de slinger als instrument, met opnieuw treffende overeenkomsten als resultaat.[8]

Toepassing van de megalitische geometrie op de andere planeten (en hun manen) in het zonnestelsel leverde geen zichtbare patronen op. Maar met de zon en de aardse maan bleek dit anders te zijn. Waar 1 boogseconde op de aarde overeenkwam met 366 megalitische yards, komt 1 boogseconde bij de maan overeen met 100 en bij de zon met 40.000 megalitische yards.[9] Er was iets in de verhoudingen van zon, maan en aarde dat niet aan toeval kon worden geweten, maar de indruk wekte van een bewust ontwerp. Eerder hadden de schrijvers hun verbazing al uitgesproken over het merkwaardige feit dat de maan die 400 keer kleiner is dan de zon, zich op 1/400e van de afstand tussen de aarde en de zon bevindt, een rotatiesnelheid heeft van 400 km per aardse dag, en precies groot genoeg is om de zon bij een eclips volledig te bedekken.[10] Buitengewoon merkwaardig vonden zij het dat er evenveel doorsneden van de aarde in de doorsnee van de zon gaan als er doorsneden van de zon tussen de aarde en de zon zijn.[11] Ook had men zich verrast getoond over het gegeven dat de maan erin slaagt om de waargenomen bewegingen van de zon maandelijks te imiteren.[12] Hoe meer onderzoek zij dezen, hoe groter hun verwondering werd.

Ontstaan van de maan

Dit alles bracht de vraag naar het ontstaan van de maan op indringende wijze bij hen naar boven. Sinds de evolutietheorie zijn intrede heeft gedaan, zijn er verschillende scenario’s voorgesteld die geen van allen in staat bleken een bevredigend antwoord te leveren. Tegenwoordig heeft de Grote Inslagtheorie de meeste aanhangers. Deze komt er kort gezegd op neer dat de maan is ontstaan als gevolg van een botsing tussen twee planeten, w.o. de aarde. Echter, door zo’n gebeurtenis zou de rotatie van de aarde zijn versneld tot een niveau dat veel hoger ligt dan de huidige situatie. Daarom veronderstelt men tevens een tweede inslag die dit heeft gecorrigeerd. Knight en Butler zijn duidelijk in hun oordeel: ‘Voor ons riekt deze uitleg naar wanhoop!’[13] Naast interne problemen van deze theorie, werpen zij een aantal vragen op die hun eigen onderzoek heeft opgeleverd en door deze theorie niet worden beantwoord. Zo heeft de Grote Inslag bijvoorbeeld geen verklaring voor de opmerkelijke verhouding die de maan en de zon of de maan en de aarde ten opzichte van elkaar hebben. Uiteindelijk concluderen zij dat de maan groter is dan hij zou moeten zijn, klaarblijkelijk ouder dan hij zou moeten zijn[14] en veel lichter qua massa dan hij zou moeten zijn. [15] Zij citeren dr. Gordon McDonald, een toonaangevend wetenschapper bij NASA die verklaarde dat de maan waarschijnlijk hol is. Algemeen wordt echter aangenomen dat een natuurlijke satelliet geen hol object kan zijn. Als deze conclusie waar is, betekent dit dat iets of iemand de maan moet hebben gemaakt.

Voorwaarde voor leven

De betekenis van de maan voor het leven op aarde blijkt veel groter dan wij in eerste instantie zouden vermoeden. De aarde staat in een hoek van 22,5 graden ten opzichte van de zon, waardoor de seizoensveranderingen worden veroorzaakt. Als zij in plaats daarvan rechtop zou staan, zouden de temperaturen aan de evenaar extreem hoog en aan de polen extreem laag zijn. In de kleine tussenliggende strook zouden zich catastrofale weersomstandigheden voordoen, waardoor het leven op onze planeet vrijwel onmogelijk zou zijn. Het andere denkbare scenario, waarbij de aarde 90 graden is gekanteld en zich met één pool naar de zon keert, levert eveneens onleefbare omstandigheden op. Alleen door zijn huidige, bijzondere stand is de aarde in balans. En deze stand is mogelijk doordat de maan functioneert als een enorme stabilisator.[16] De conclusie is duidelijk: zonder de maan zouden er geen mensen zijn.

Een ander specifiek aards verschijnsel is de platentektoniek. Hieronder verstaat men de onderlinge beweging van de starre aardschollen op de astenosfeer. Op de andere planeten van ons zonnestelsel komt dit niet voor. Wetenschappers hebben geopperd dat dit verschijnsel mogelijk is geworden doordat er materiaal aan de aarde is onttrokken om de maan te formeren. Hierdoor kwam er zoveel ruimte vrij dat het aardoppervlak kon gaan schuiven. Zonder deze platentektoniek zou de aarde grotendeels bedekt zijn met oceanen en was het leven voor de mens onmogelijk geweest. Opnieuw lijkt de conclusie te zijn dat er de mens zonder maan niet zou bestaan.

Tot slot oefent de maan een grote invloed uit op de getijden. Als zij tien keer zo dicht bij de aarde zou staan dan nu, dan zouden de getijden duizend maal sterker zijn. Als zij er helemaal niet zou zijn, dan zouden de getijden slechts een derde zijn van wat ze nu zijn. Dit gegeven heeft voor evolutionisten vergaande consequenties voor de mogelijkheid dat er leven op aarde kon ontstaan. Dit zou ofwel geheel onmogelijk zijn geweest, ofwel oneindig veel meer tijd in beslag hebben genomen dan nu wordt aangenomen.

Een vingerwijzing, maar van wie?

Het is nogal wat dat overtuigde evolutionisten tot de conclusie komen dat de maan een kunstmatig object is dat door een creatieve geest is vervaardigd met als doel om het leven voor mensen mogelijk te maken.[17] Voor mij komt dan onmiddellijk Romeinen 1:20 tot leven, waar staat: “Zijn onzichtbare eigenschappen zijn vanaf de schepping van de wereld zichtbaar in zijn werken, zijn eeuwige kracht en goddelijkheid zijn voor het verstand waarneembaar.” Het lijkt wel alsof de Schepper in zijn schepping een vingerwijzing heeft geplaatst waarmee Hij Zichzelf kenbaar wil maken aan degene die onderzoek doet.

Ik vind het dan ook verbijsterend te lezen dat Knight en Butler deze vingerwijzing herkennen, maar daar vervolgens een geheel andere conclusie aan verbinden. Allereerst verwerpen zij de gedachte dat hier sprake zou zijn van een inmenging van een buitenaardse beschaving: ‘Voor zover wij op dit moment weten, zijn we alleen.’[18] De waarschijnlijkheid van een dergelijk contact schatten zij erg gering in, gezien de gigantische hoeveelheid tijd en ruimte die hiermee gemoeid is. Toch kunnen zij niet om het feit heen dat de maan een intelligente ontwerper verraadt en er verschillende niet met elkaar verbonden culturen zijn geweest die op hetzelfde moment in de tijd een grote stap voorwaarts hebben gedaan. Zij nemen daarom aan dat er sprake moet zijn van een OCE (Onbekende Creatieve Entiteit). Maar gek genoeg identificeren zij deze uiteindelijk niet als God, maar als ‘mensen van de toekomst’. Hun redenering luidt als volgt: ‘Allereerst dient erkend te worden dat er nergens in het heelal andere mogelijke kandidaten zijn. God bestaat in het geloof, niet als gevolg van bewijs, en buitenaardse wezens kunnen al dan niet bestaan. Het is heel goed mogelijk dat we volstrekt alleen zijn, hetzij in ons deel van de ruimte of in het hele heelal. Wie zou echter meer gebaat zijn bij een planeet die leven produceert dan het zeer intelligente wezen dat het meeste heeft geprofiteerd van zijn bestaan, te weten de mensheid?’[19] Voor hen is het volstrekt duidelijk dat de OCE bestaat uit mensen van de toekomst die verschillende keren in de tijd zijn teruggereisd om in te grijpen in het evolutieproces en hun handtekening achter te laten als prikkel om hun voorouders te stimuleren om de wereld te redden en hun bestaan veilig te stellen. Het is bizar te lezen dat zij een oplossing die is gebaseerd op het Von Münchhausen Syndroom,[20] aannemelijker vinden dan de erkenning dat er een goddelijke Schepper moet zijn.

Noten

  1. De schrijvers maken melding van een bot dat in Abri Blanchard (Frankrijk) werd opgegraven waarop een tweemaandelijkse maankalender was ingekerfd. Zij dateren deze vondst op ‘25.000 jaar geleden’. Chr. Knight en A. Butler, Het mysterie van de maan (2006), p. 16.
  2. De Venus van Laussel (gevonden in 1911) wekt de indruk dat vrouwen ‘20.000 jaar geleden’ de tijdsduur van hun menstruatiecyclus kenden en ze relateerden aan de fasen van de maan. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 20.
  3. Recent onderzoek heeft aangetoond dat moord en mishandeling statistisch significant toenemen rond volle maan. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 81.
  4. Voor de Grieken was zij Artemis, voor de Romeinen Diana of Selene. Haar Finse naam was Kuu en de Kelten aanbaden haar als Cerridwen. In Mexico sprak met van Tlazolteotli en de Maya’s noemden haar Ixchup. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 24.
  5. Genoemd wordt onder andere de astronoom Gerald Hawkins die meent dat Stonehenge deels is gebouwd om eclipsen te voorspellen. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 27.
  6. Deze eenheid werd frequent gebruikt in haar dubbele en halve vorm en werd opgedeeld in veertig kleinere eenheden voor gebruik in ontwerpen: megalithische inches. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 32.
  7. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 36.
  8. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 38
  9. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 48.
  10. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 12, 151.
  11. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 142.
  12. Als de zon midden in de winter op zijn laagst en zwakst is, is de volle maan op zijn hoogst en felst; als de zon hartje zomer op zijn hoogst en felst schijnt, is de maan op zijn zwakst. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 13.
  13. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 59.
  14. De oudste stenen die van de maan werden gehaald zijn aanmerkelijk ouder dan welk gesteente op aarde ook. De auteurs spreken over 3,5 tegenover 4,5 miljard jaar. Toch bestaat de maan alleen uit aards gesteente. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 62 en 104.
  15. Er zijn op de maan enorme variaties in zwaartekracht (p.68). NASA houdt het erop dat de maan een ongewoon lichte kern of helemaal geen kern heeft. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 77.
  16. Volgens Jacques Laskar van het National Scientific Research Center zou de aarde kantelen als er geen maan zou zijn. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 89.
  17. Op een andere plaats maken zij melding van het feit dat Jupiter de positie heeft als vanger van ruimteobjecten die anders op aarde zouden inslaan en suggereren dat ‘het hele zonnestelsel is ontworpen ten gunste van de mensheid’. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 192.
  18. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 122.
  19. Chr. Knight en A. Butler (2006), p. 198-199.
  20. Baron von Münchhausen vertelde fantastische verhalen en wilde de ander onder meer doen geloven dat hij zichzelf aan zijn eigen haren uit het moeras heeft getrokken.

Archippus - Banner 2010

Aantal keren bekeken: 3108

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *