Mat. 21:1-17 – De Koning komt!

De intocht in Jeruzalem. Iedereen vroeg zich af wie deze Jezus was. Maar Jezus sprak hier niet meer over. Zij getuigenis bestond nu uit daden. In wat er gebeurde wordt zichtbaar wie deze Jezus is.

mat21-01
mat21-02
mat21-03
mat21-04
mat21-05
mat21-06
mat21-01

We hebben zojuist gelezen over enkele gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden in de laatste week uit het leven van de Here Jezus. Het zijn belangrijke gebeurtenissen die de opmaat hebben gevormd voor zijn lijden en sterven later die week.

Matteüs wekt de indruk dat deze gebeurtenissen elkaar zonder intermezzo hebben opgevolgd. Jezus lijkt vanuit Jericho zo Jeruzalem binnen te lopen en de bedrijvigheid op het tempelplein te verstoren. Wanneer wij de lezing van de andere Evangeliën hierbij betrekken, dan ontstaat er een iets genuanceerder beeld en blijkt dat Matteüs een ingekorte versie van de gebeurtenissen geeft.

Zo kunnen we in het Evangelie van Johannes lezen dat de Here Jezus na zijn vertrek uit Jericho eerst naar Betanië is gegaan, waar Maria, Martha en hun broer Lazarus woonden, en daar de nacht heeft doorgebracht. Pas de andere ochtend is Hij vanuit Betanië naar Jeruzalem gereisd. Het Evangelie van Markus vertelt ons dat de Here Jezus na Zijn intocht in Jeruzalem opnieuw naar Betanië is teruggekeerd en pas de andere ochtend de geldwisselaars uit de tempel heeft verjaagd. Wat Matteüs hier in één adem vertelt, heeft in feite dus betrekking op gebeurtenissen die verspreid over een periode van drie dagen hebben plaatsgevonden: de reis van Jericho naar Jeruzalem, de intocht in de oude stad en de tempelreiniging.

mat21-08

Het is de laatste etappe van een veel langere reis die in het hoge noorden van Israël is begonnen. Dáár, in Caesarea Filippi, bij de berg Hermon, waar de rivier de Jordaan haar oorsprong heeft, was de Here Jezus zijn discipelen beginnen te onderwijzen over Zijn lijden. Het was ook dáár dat Hij zijn discipelen heeft geconfronteerd met een intrigrerende vraag: “Wie zeggen de mensen dat ik ben?” (Mc. 8:27)

Het antwoord dat zij gaven, was divers: Johannes de Doper, Elia, één van de profeten, de Christus…”

mat21-09

Een stuk verderop, mogelijk bij de berg Tabor, die als een grote puist in het landschap ligt, had Jezus een indrukwekkende ontmoeting met Mozes en Elia. Wij spreken hierover als ‘de verheerlijking op de berg’. Petrus, Johannes en Jakobus mochten daarvan getuigen zijn. Mozes en Elia die beiden op een bijzondere manier door de Here God zijn thuisgehaald, bezochten de Here Jezus om met Hem te spreken over “zijn heengaan dat Hij zou volbrengen in Jeruzalem” (Luc. 9:31). Opnieuw ging het over Zijn lijden en sterven. En opnieuw ging het  over de vraag wie de Here Jezus dan wel was. Ditmaal was het nota bene de Here God zelf die zich hierover uitsprak:

“Dit is Mijn geliefde Zoon, luister naar Hem!” (Luc. 9:35)

mat21-10

In het gedeelte dat wij nu gelezen hebben, is de Here Jezus aan het einde van zijn reis gekomen: Jeruzalem. Nu ging het er niet meer om te praten over zijn lijden en sterven. Nu ging het daadwerkelijk gebeuren! Hier ging het gebeuren! Ik heb zelf op deze plek gestaan en gezien hoe dicht bij elkaar al die plaatsen liggen, die Jezus de komende dagen zou aandoen. Staande op de Olijfberg heeft Hij dit allemaal overzien en ik ben er zeker van dat Hij zich terdege gerealiseerd wat er ging komen. En opnieuw ging het over de vraag wie Jezus was.

Men zei: “Wie is dat? De menigte zei: Dat is Jezus, de Profeet uit Nazareth in Galilea.”

mat21-11Het getuigenis wie Jezus is, vinden we hier niet terug in woorden, maar moeten we afleiden uit wat er gebeurt. In de dingen die gebeuren legt Jezus een getuigenis af van wie Hij is. We kunnen hierin als het ware zien wat Jezus over zichzelf te zeggen heeft. Een zelfgetuigenis dus. Vandaar dat ik gekozen heb voor het wonderlijke plaatje op de dia. We zien daar Jezus, gezeten op een ezel bij de stadspoort. Maar als we goed kijken, zien we dat het geheel ook een portret van de Here Jezus vormt en kunnen we ontdekken wie Hij is. Het is belangrijk om op deze manier naar de gebeurtenissen te kijken.

mat21-12Als eerste element van Zijn zelfgetuigenis zou ik willen noemen Zijn Liefde. Je zal daar maar staan. Met uitzicht over alles wat gebeuren gaat. Letterlijk en figuurlijk, want Jezus wist wat er ging komen. Hij kende zelfs de details.

mat21-13Heeft Hij bij de verheerlijking op de berg niet gezegd dat “de Zoon des Mensen veel zal lijden en veracht zal worden”? (Mk. 9:12)

mat21-14Heeft Hij in Caesarea Philippi niet tegen zijn discipelen gezegd dat wie “achter Hem wil komen, zichzelf moet verloochenen, zijn kruis moet opnemen en Hem moet volgen”? (Mk. 8:34) Hoe kan Hij zijn discipelen een kruis voorhouden als Hij zelf niet weet dat dit Zijn einde zal zijn? Er is maar één conclusie mogelijk: Hij wist het.

mat21-15Zijn laatste reis vanaf de bronnen van de Jordaan zuidwaarts tot aan Jericho en van daar naar Jeruzalem bedroeg misschien wel 200 kilometer. Dat zijn zo’n half miljoen voetstappen en iedere voetstap bracht Hem dichter bij deze bestemming. Wat denkt u, zou Hij bij al die 500.000 voetstappen niet één keer eraan gedacht hebben om rechtsomkeert te maken en een veilig heenkomen te zoeken? Weet u, ik kan mij niet voorstellen dat Hij dit niet gedaan heeft.

mat21-16

dia16

We kunnen in de Evangeliën lezen hoe Zijn volgelingen kibbelden over zaken die er niet toe deden en vooral niet begrepen wat er gaande was. In Mk. 8:32 staat zelfs dat Petrus Hem apart nam en begon Hem te bestraffen. Ik ben ervan overtuigd dat als zij wel begrepen hadden wat er gebeurde, zij niet zo ver met hun Meester waren meegegaan. Sterker nog, ik denk dat zij Jezus misschien wel met geweld zouden hebben tegengehouden om zijn roeping te volgen. Wat zou u gedaan hebben? Wat zou ik doen? Ik vrees dat wij het er niet veel beter zouden hebben afgebracht.

Maar Jezus is gewoon doorgegaan. Vastberaden en doelgericht. Waarom eigenlijk? Wat bezielde Hem om dit te doen? – Daarop is maar één antwoord mogelijk: Zijn liefde voor ons, mensen. Hij wist dat dit de enige manier was om herstel te brengen en in de geestelijke wereld de overwinning op het rijk der duisternis te behalen.

mat21-17

In Gethsémané is dit heel duidelijk zichtbaar geworden. Daar heeft Hij zijn Vader gesmeekt: “Als het mogelijk is, laat deze drinkbeker aan Mij voorbijgaan.”

Het is een retorische vraag die onmiddellijk wordt gevolgd door de uitspraak: “Niet zoals Ik wil, maar zoals U wilt.” De tweede keer klinkt hij al heel anders:

mat21-18

“Mijn Vader, als deze drinkbeker niet aan Mij voorbij kan gaan zonder dat Ik hem drink, laat Uw wil dan geschieden.” Het is alsof Hij hier zegt: Laat het maar gebeuren!

Ik kan mij voorstellen dat toen Jezus op de Olijfberg stond en over Jeruzalem uitkeek, zijn gedachten ook uitgingen naar de man die 2000 jaar daarvoor met zijn zoon diezelfde berg heeft beklommen om een gruwelijk offer te brengen. Dat kan geen toevan zijn. Abraham was gehoorzaam in wat hij deed, maar het offer van Izaäk is door God geweigerd omdat het niet toereikend was. Er moest iets gebeuren dat veel verder ging dan dat. Om deze wereld te redden moest God Zelf Zijn eigen Zoon sturen om de plaats van Izaäk in te nemen. Jezus wist dit. Een ieder die de noodzaak hiervan niet inziet, maakt een levensgevaarlijke fout!

mat21-19Als tweede element in het zelfgetuigenis van de Here Jezus zou ik Zijn majesteit willen noemen. Het is niet alleen zo dat Hij vastberaden en doelgericht op Zijn bestemming afging, uit alles blijkt dat Hij de regie van wat er ging gebeuren vast in handen had. We zien in Jezus geen slachtoffer, maar Iemand die met macht en autoriteit Zijn plan ten uitvoer brengt. Ook in Zijn lijden en sterven was Hij Heer en Meester.

mat21-20

Wanneer Hij twee van zijn discipelen uitzendt om een ezelsjong met zijn moeder op te halen, lezen wij nergens dat zij de eigenaar om deze ezels moesten vragen. “Als iemand iets tegen u zegt, moet u zeggen dat de Heere ze nodig heeft, en hij zal ze meteen sturen.”

En zo gebeurt het ook. Hij beveelt en niemand sputtert tegen. Het lijkt erop dat Hij de ezels confisqueert alsof Hij een machthebber is!

mat21-21

Hetzelfde zien we gebeuren als Hij zijn discipelen opdracht geeft om de Pascha maaltijd in gereedheid te brengen. “U zult tegen de heer des huizes zeggen: De Meester zegt u: Waar is de eetzaal waar Ik het Pascha met Mijn discipelen eten zal? En hij zal u een grote bovenzaal wijzen, die volledig is ingericht.” (Luc. 22:11-12)

Hij beschikt over mensen, over dieren en over middelen. Hij beschikt ook over wat er gebeurt. Ook al zijn het anderen die de boze plannen beramen, zij kunnen dit alleen maar doen binnen het raamwerk dat Hij heeft bepaald. Hierin betoont Jezus zich Here. Heer van de schepping. Heer van de geschiedenis. Aan Hem is alle macht. Hem komt de majesteit toe.

mat21-22Het gaat hier niet alleen over wie Jezus is; het gaat hier ook over wat Hij op dit moment van Zichzelf wil laten zien en over Zichzelf wil openbaren. Hoe vaak heeft Hij zijn volgelingen niet verboden om te spreken over de dingen die zij hadden gezien? Toen zij nog in Caesarea Filippi waren, had Hij hen “streng geboden met niemand over Hem te spreken” (Mk. 8:30). Ook na de verheerlijking op de berg gebood Hij zijn discipelen dat zij “niemand zouden vertellen wat zij gezien hadden” (Mk. 9:9). Maar nu zij in Jeruzalem waren gekomen en de momenten van schijnbare weerloosheid zouden aanbreken, was het ogenblik gekomen om Zijn grote majesteit te laten zien.

mat21-23

De keuze van de Here Jezus om juist nu op een ezel Jeruzalem binnen te rijden, was niet ingegeven door gemakzucht. Hij had de hele reis te voet afgelegd. Dat laatste stukje kon er ook nog wel bij. Met deze daad heeft Hij doelbewust een profetie uit Zacharia willen vervullen: “Zie, uw Koning zal tot u komen, rechtvaardig, en Hij is een Heiland, arm en rijdend op een ezel, op een ezelsveulen, het jong van een ezelin.” (Zach. 9:9)

Om hierover geen misverstand te laten ontstaan, werd de tekst uit Zacharia heel letterlijk uitgewerkt: de discipelen brachten zowel een ezelsjong als zijn moeder bij hun Heer. Als zij de moeder niet hadden meegenomen, had het jong waarschijnlijk geen poot verzet. Beide dieren werden naast elkaar opgesteld en met klederen bedekt. Vervolgens zette Jezus zich op hen neer. Hij heeft daarmee de profetie zo letterlijk mogelijk willen vervullen en op deze wijze onmiskenbaar duidelijk gemaakt dat Hij de koning is waarover in Zacharia gesproken wordt.

Die woorden van de profeet Zacharia waren algemeen bekend. Iedereen wist dat zij betrekking hadden op de komst van de Messias. In de Joodse overlevering werden zij uitgelegd met de opvatting dat de Messias op de wolken des hemels zal verschijnen, behalve wanneer Israël geen verdienste zal hebben; wanneer dat het geval was, zou Hij in armoede komen, rijdend op een ezel.

mat21-24

Hoe duidelijk ook, men heeft het verband tussen Jezus’ handelen en de woorden van de profeet Zacharia op dat moment niet gezien. Zelfs de discipelen kwamen hier pas ná de verheerlijking achter (Joh. 12:16). En toch werd de Here Jezus begroet met de woorden: “Hosanna, de Zoon van David. Gezegend Hij die komt in de naam van de Heere. Hosanna in de hoogste hemelen.” Zwaar beladen woorden uit Psalm 118. Hoe kan dat? Hierop is maar één antwoord mogelijk: Het volk had die andere Messias voor ogen en HEM wilde men in Jeruzalem binnenhalen. Zij zagen uit naar een sterke leider die met geweld de Romeinse overheersers zou verjagen.

Zou het kunnen dat ook wij een verkeerd beeld hebben van de Here Jezus? Dat wij Hem welkom heten, maar ondertussen heel iemand anders in gedachten hebben? Wat verwachten wij van Hem en klopt dat wel met de wijze waarop Hij zichzelf aan óns wil openbaren?

mat21-25

Hoe wil Hij zich eigenlijk aan ons openbaren? Daarvoor moeten wij toch proberen om het beeld dat Hij ons hier voorhoudt, te begrijpen.

Door de woorden van de profeet Zacharia in vervulling te brengen, laat Hij ons weten dat Hij inderdaad de Koning is waarnaar heel de schepping met reikhalzend verlangen uitziet;

Hij komt om goed te maken waarin Israël in gebreke is gebleven. Daarom zet Hij zich op de ezel en wil Hij de woorden van de profeet naar de letter vervullen. Hij komt niet om te overwinnen, maar om te verzoenen;

Tweeduizend jaar daarvoor heeft een man met zijn zoon diezelfde berg beklommen. Ook zij hadden een ezel bij zich. Zij kwamen een offer brengen dat door God op het laatste moment is geweigerd. Abraham heeft die plaats toen de naam gegeven: De Heere zal erin voorzien. In Genesis 22 staat daar nog de veelzeggende toevoeging bij: Op de berg van de Here zal erin voorzien worden. Jezus is gekomen om te doen waartoe Izaäk niet in staat was. Hij is Gods voorziening die herstel moet brengen in de relatie tussen Hem en Zijn volk.

Jezus is gekomen om iets te doen, waartoe geen enkel mens in staat bleek. Is dat niet bij uitstek een teken van Zijn majesteit? Abraham is door de Here God rijk gezegend voor zijn bereidheid te gehoorzamen, maar het was niet genoeg. Jezus is gekomen om datgene te volbrengen waartoe de stamvader van het volk Israël niet in staat was. Een groter majesteit is er niet denkbaar.

Zijn majesteit is vooral gelegen in het feit dat Hij heeft gedaan wat niemand anders kon. Toen niet en nu ook niet.

mat21-26

Velen menen in Jezus’ intocht in Jeruzalem een boodschap van pacifisme te herkennen, van weerloosheid, van slachtoffer zijn. Jezus wordt dan gezien als een softie die aan Zijn eigen succes ten onder is gegaan. Ik geloof hier helemaal niets van. Zelfs in de diepste momenten van Zijn lijden is Hij nooit een slachtoffer geworden. Dat Hij de strijd niet schuwt, wordt duidelijk als Hij het tempelplein opgaat. Dan toont Hij opnieuw Zijn majesteit door alle verkopers weg te jagen. Zij zijn met velen en Hij is alleen. Maar niemand grijpt in. Hij legt in wezen in zijn eentje de offerdienst plat. Als voorbereiding op het offer dat Hij zelf zal brengen.

Jezus is geen pacifist. Zijn strijd kent andere dimensies. In de week die komt is de zwaarste strijd aller tijden gestreden. En in die strijd heeft Hij zijn majesteit getoond.

banner_mjdehaan_2012

Aantal keren bekeken: 443

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *